Mettekoven

Mettekoven is een van de 12 kerkdorpen van Heers en is een van de kleinste dorpen van Vlaanderen. Het is een zeer rustig en prachtig dorp in een glooiend natuurlandschap midden in de fruitstreek.

 

Een van de parels van het glooiende en overweldigend mooie Haspengouw: hoogstamboomgaarden, kerkdorpjes, mergelvalleien, kastelen, holle wegen, moerassen, weidse vergezichten, bloesems en fruit.

 

Men spreekt ook wel over de Vlaamse Provence of het Vlaame Toscanië. De dorpel van de kerk ligt op 62,45 boven de zeespiegel. De heuvels rond Mettekoven gaan tot ruim 100 meter en wat verder tot boven 130 meter.

De oudste vermelding van Mettencoven dateert van 1135. In XIIde eeuw is ook de Romaanse naam Matincourt gebruikelijk. De naam Mettekoven komt van Martenshoef, Martini curtis, Martincourt, t.t.z. de hoeve of métairie de Martin (van Maarten).

Mettekoven is gelegen in Droog-Haspengouw, met een licht golvend landschap (60-97 m). De Herk stroomt door de dorpskern en is dan ook laag gelegen en vochtig. Rondom de dorpskern glooit het landschap met mooie vergezichten. In Haspengouw zijn geologisch twee regio’s: Vochtig Haspengouw, ten noorden en Droog Haspengouw ten zuiden van de lijn Tongeren, Borgloon en Sint-Truiden. In Vochtig Haspengouw bevindt zich onder de leemlaag een dikke kleilaag die nauwelijks water doorlaat. In Droog Haspengouw bevindt de leemlaag zich bovenop krijt –of mergellagen en is daardoor zeer waterdoorlatend.

 

Mettekoven was een Luikse kerkelijke enclave binnen het grondgebied van het graafschap Loon. Mettekoven ressorteerde onder de schepenbank van Gelinden, die zich echter soms ook schepenen van Mettekoven noemde. Voor beroep gingen zij naar het hof van Vliermaal. De prinsbisschop van Luik was ook de heer van Mettekoven en benoemde, als graaf van Loon, de burgemeester.

De St.-Martinuskerk was een filiaalkerk van de kerk van Borgloon. Zij bezat het dooprecht. Het patronaatsrecht hoorde o.a. toe aan de abdis van Herkenrode.

 

De bebouwing concentreert zich in het laagste deel van het grondgebied. Het nederzettingspatroon is dat van een klein hoopdorp. De bebouwing wordt gekenmerkt door enkele vierkantshoeven. De Mettekovenstraat vormt de dorpskern, waar zich de kerk, de pastorie en dit vakantiehuis bevinden. Mettekoven was en is nog steeds een landbouwdorp, zonder industrie, met vooral fruitteelt. In de omgeving teelt men ook koolzaad, vlas, cichorei, suikerbieten, aardappelen, erwten, spruiten, maïs, granen, enz.

 

Het gebrek aan plaatselijke tewerkstelling deed het bevolkingscijfer vanaf het begin van deze eeuw voortdurend dalen, zodat dit nu het niveau bereikt van midden XIXde eeuw. Vandaag wonen er 135 mensen in Mettekoven in een zeventigtal huizen. In 1700 waren er 60 communies en 14 gezinnen, 168 inwoners in 1816, 188 in 1873, 229 in 1910, 230 in 1934, 175 inwoners in 1971, 153 in 2003 en 135 in 2015. Door onze komst in 2006 hebben wij het bevolkingsaantal in 2006 met 5% doen stijgen.

 

Mettekoven was een zelfstandige gemeente tot het bij de fusie van 1971 toegevoegd werd aan de gemeente Heers.

 

 

Bron: Bouwen door de eeuwen heen; Inventaris van het bouwkundig in België (https://inventaris.onroerenderfgoed.be/); Geogids Heers